dinsdag 26 augustus 2008

Hokjes en vakjes

Ik heb de onbedwingbare neiging om mensen in vakjes te plaatsen. Naar mijn mening maakt dat het leven een stuk overzichtelijker. Zo heb ik een beeld van mensen die een vouwfiets gebruiken. Het zijn namelijk vrouwen. Niet altijd, maar wel vaak. Je zal me misschien oppervlakkig vinden nu ik dit zo schrijf. Maar als je ze ziet, zal je waarschijnlijk nog denken aan hetgene dat je nu hier leest. Het zijn van die vrouwen die pasteltinten dragen. Niet dat ze zichzelf iedere dag weer onderschilderen, maar ze dragen kleding in die tinten. Ze hebben ook een vreemde voorliefde voor sandalen en linnen broeken. Ze hebben vaak een tas bij zich, gemaakt van materialen waarvan ik me afvraag of het wel al dood is... Naast zich sleuren ze de fiets mee. Ze hebben een zelfverzekerde blik in de ogen en lopen recht op hun doel af. Ze stellen me vragen over de vertrektijden en springen dan op hun fiets. De fiets lijkt een verlengstuk van hun 'ik' te zijn. Kom je aan de fiets, kom je aan hen. Het kan zelfs een beetje beangstigend zijn.
Ik heb de neiging om mensen in vakjes te plaatsen. Het maakt het leven een stuk overzichtelijker.

maandag 25 augustus 2008

Het einde is voor andere enkel het begin

Drie levens, drie klappen, drie maal een einde. Driemaal een leven voorbij, driemaal een leven veranderd. Niet voor even, maar voor altijd. Een klap die misschien fracties van seconden duurt, misschien zelfs maar één fractie. Maar een dreun die lang voorduurt, in geesten van mensen die, die dag nog op stonden vol goede moed. Zich klaarmaakten. Die uit hun bed stapten en zich wasten. Hun brood smeerden, zich afvroegen waar ze heen gingen. Ze stapten hun auto's in, reden de rustige snelweg op. Melden zich voor hun werk en gingen op pad. Ze lachten naar hun collega's en dronken nog een kop koffie en installeerden zich. Niemand die hen waarschuwde, niemand die hen inlichtte. Niemand die hen kon inlichten, al zouden ze willen. Ze gingen zitten, nietsvermoedend. Ze genoten wellicht van de zonsopgang.
Even verderop stonden ze ook op. Wasten zich, zich afvragend wat de zin van het alles was. Liepen naar buiten, merkten het zonlicht niets eens op. Keken naar boven, vroegen zich af waar ze werkelijk heen gingen. Misschien dat ze door het bos liepen, misschien dat ze luisterden naar het gefluit van de vogels. Misschien dat het hen niet eens opviel. Misschien hoorden ze het niet eens. Ze liepen door. Als door een ongrijpbaar gevoel gegrepen, murwgeslagen door hun emoties. Al dood voor ze stierven. Ze liepen doelgericht, automatisch op hun doel af. Ze stonden daar, keken waarschijnlijk niets eens meer op of om. Ze stonden daar, wachtend... Hopend op verlossing.
En zij zaten, keken op het tafereel voor zich. Vroegen zich misschien af wat ze eten zouden die avond. Of wat ze kopen moesten voor die verjaardag van binnenkort.
En toen was er een klap. En klap die een lijden zou beëindigen, maar een ander zou beginnen.
Drie levens beëindigd, de andere drie getekend. Niet voor even, maar voor altijd.

zaterdag 23 augustus 2008

Een gedachtenstroom die zich niet laat bedwingen

Ik zou zo graag alles begrijpen. Tot in het kleinste detail. Ik zou alles door willen hebben en alles willen weten. Toch bereik ik regelmatig de grenzen van mijn vermogen om dingen te begrijpen. Alsof de grens van mijn begrip is bereikt. Ik zou ook graag vooruit willen kunnen kijken. Ik zou willen kunnen zien wat het effect is van een beslissing, van een gebeurtenis. Zodanig dat ik zou kunnen voorkomen dat datgene wat gaat gebeuren, zou gebeuren. Ik zou dingen écht willen kunnen terugnemen. Maar ik kan het niet. Ik moet me neerleggen bij mijn perfecte imperfectie. In de hoop dat ik dan toch eindelijk eens leer dat ik het niet moet willen. Maar zelfs dan nog wil ik begrijpen waarom dat beter voor me is.

dinsdag 12 augustus 2008

Het dorp

Ik ben erg in twijfel, aan de ene kant ben ik gek op de stad. De bedrijvigheid, de drukte en het tempo zitten me in het bloed. Maar aan de andere kant is er ook het dorp. Het platteland. Dat zo'n rust in zich heeft. Daar waar het leven net een tandje minder snel lijkt te gaan. Daar waar men elkaar nog bij de voornaam kent, elkaar groet bij het voorbijgaan.
Als ik dan weer es op de fiets zit, dwars door de velden en bossen, slaat de twijfel ongenadig toe. Herinneringen borrelen naar boven in me. Ik zit ineens niet meer op de fiets, maar loop over een pad langs een veld. Een veld vol koren, omgeven door oude huizen met rieten daken. Witte was wappert in de wind. Stokrozen groeien tegen de muren van de huizen. Een hond rent voor me uit. Ze achtervolgt de bladeren en probeert ze te vangen. De zon staat hoog aan de hemel en brandt me vooruit. De wind blaast over het veld en speelt spelletjes met het gouden koren dat er flexibel meespeelt. De zon door het koren stralen in het gouden licht. Eenzelfde gouden gloed is op mijn gezicht. Ik koester me in de warmte. Af en toe blaas ik een vliegje van mijn neus. De hond rent terug en springt tegen me op. Ik kijk even om me heen en zie dat niemand naar me kijkt. Behalve de hond, ze kijkt me uitdagend aan. Dus zet ik het op een lopen, ik ren achter haar aan. Ze rent luid blaffend voor me uit. Draait af en toe een rondje om heen en neemt dan een sprint. Ik ren achter haar aan, door het hek een boomgaard binnen. De hond rent als een, tja als een wat eigenlijk, een jonge hond dwars door de bomenrijen. Ik kijk weer even om heen en pluk dan een van de appels en poets hem schoon op mijn broek. Dan neem ik een hap en laat me neerploffen op het gras. De zon verstopt zich achter de bomen met fruit. Ik geniet van de schaduw en het briesje dat over mijn gezicht waait. Totdat de hond weer terug is, ze springt bovenop me en praat blaffend tegen me. Het blaffen verdwijnt naar de achtergrond. Langzaam vervaagt het hele beeld, de korenvelden verdwijnen achter de horizon. De appelbomen zijn er niet meer. Niets van dat al.
Ik ontwaak uit mijn gedroom en fiets weer door. De zon is er, de wind blaast me in het gezicht, de hond. Die is er niet.
Maar met een glimlach op mijn gezicht fiets ik terug naar huis. Via een omweg want, die drukte, bedrijvigheid en dat tempo... Dat kan me even gestolen worden.

Telling 2

eXTReMe Tracker