Er gaat een wereld voor me open. Opeens blijkt het dorp veel uitgebreider dan ik dacht. Achter straten zijn nog meer straten verborgen. Lustig klepper ik erop los. Mijn nieuwe functie van Tijdelijke Hulpkracht is verantwoordelijk en uitgebreid. In dit Betuws dorp bezorg ik de post. Op mijn fietsje cross ik door het dorp. Als volleerd postbode gooi ik mijn fiets tegen de lantaarnpaal. Graai nog professioneler door mijn fietstassen, haast adembenemend wandel ik me de post onder de arm door de straatjes. Een foldertje hier, een rekeningetje daar, een "wat is dat voor blad?"-blaadje daar en roetsj, weer een straat af. Gauw spring ik weer op mijn fiets. Ik voel me haast een evenwichtskunstenaar zoals ik met mijn zware fietstassen overeind probeer te blijven. Door mijn gewicht te verplaatsen ga ik verbazend snel de bocht om. Gelukkig de goede bocht... En je komt nog eens ergens.
Als ik dan in de buitengebieden kom, verbaas ik me over de andere wereld. Het lijkt wel een wereld die bestaat uit grote, boerderijachtige huizen. Mensen die werken en tuinen. Mensen die me groeten door het uitstoten van een onverstaanbare oerkreet. Niet wetend wat te antwoorden, steek ik mijn hand op, glimlach welgemeend en fiets verder.
Weer een stuk verder draai ik op goed geluk de juiste straat binnen en begin de brievenbussen te vullen. Ik verbaas me erover dat men me zelfs groet dóór de brievenbus. Hoeveel kinderen wachten achter de deur op de kaart van oma, opa of die oom die op vakantie is in, tja, waar eigenlijk. Hoeveel vrouwen wachten op een brief van hun lief die werkt hier ergens ver vandaan. Ik probeer te bedenken wat er zal staan in de brief met die exotische postzegel... Voer voor mijn fantasie. Minder fantasierijk zijn de brieven van een incassobureau dat werkt voor de politie. Het is wat, zo'n postbode zijn. Halverwege krijg ik van een oud dametje een chocoladereep, "veur onderweg, da'ge waat te eete hè"
Snel spring ik weer op mijn fiets, de tas wordt steeds leger. De laatste brieven, die laatste kaart, die laatste Donald Duck waar het hele gezin al een week voor in slaapzak voor de brievenbus ligt. En dan ben ik klaar. Nog één keer op de fiets, snel naar huis. Op naar de koffie, die heb ik wel verdiend. Koffie, lekker: met chocoladereep !
donderdag 21 juni 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
1 opmerking:
Hey Rien!
Goed om te lezen dat het postbode-zijn je best bevalt...
Hopelijk fiets je een beetje tussen de zomerse buien door....
En dat Betuwse brom-groeten heeft ook wel zo z'n (onverstaanbare) charme, vind je ook niet?!
Grappig dat je ook een lekkere chocoladereep in handen gedrukt kreeg; zo werkt dat kennelijk in een dorpje als het onze, haha!
Een reactie posten