Als mijn neus niet vastzat, verloor ik die ook. Ik raak altijd alles kwijt. De meest gekke dingen, waarvan je je afvraagt of het überhaupt kwijt te raken is, die raak ik kwijt. Gisteren werd ik weer met mijn neus op de feiten gedrukt. Enthousiast sprong ik op de fiets om fietslichtjes te gaan kopen in het winkelcentrum. De vorige was ik, je raadt het al, kwijtgeraakt. Ik wist niet waar ik ze gelaten had, ik had mijn hele kamer op z'n kop gezet, een dramatische poging om ze terug te vinden. Maar, ik vond ze niet. Dus, kocht ik nieuwe. Na ze afgerekend te hebben, steek ik mijn portemonnee terug in mijn zak. En wat voel ik daar ? Jawel hoor, twee lichtjes. Ik zucht maar weer eens diep en verbaas me over mijn eigen verstrooidheid. Het is maar een voorbeeld. Want het kan nog erger. Zo heb ik een pasje waarmee ik met de trein kan reizen. Daar waar alle andere mensen dat pasje altijd in de aanslag hebben en geen moment uit het oog lijken te verliezen, gaat dat bij mij dus -tja- ietsje minder goed. Want zo'n pasje, dat is dus alweer een ramp in wording. In mijn geval dan... De mogelijkheid van ermee te kunnen reizen, vond ik niet afdoende. Nee, ik moest weer zo nodig proberen ermee geld af te halen. Af en toe word ik zo moe van mezelf. Voor mijn werk heb ik een klein computertje, op dat computertje kan ik informatie over de treinen terugvinden. Heel handig, zeg je nu waarschijnlijk. Dat is helemaal waar. Maar... alles wat los mee te nemen is, raak ik kwijt. Losse voorwerpen moet men door middel van ingenieuze constructies aan mij vastmaken. Zodat ik het nooit, maar dan ook nooit, kwijt kan raken. Dat pasje blijk je kwijt te kunnen raken. De situatie is dan als volgt: Verontwaardigd zet ik dan het hele bedrijf op zijn kop. Ik zoek alle plekken af waar ik geweest zou kunnen zijn. En vind het computertje niet terug. Ik word zo moe van mezelf. Geef mij een telefoon, ik raak hem kwijt. Geef mij een pasje, ik raak hem kwijt. Sleutels ? Een roestvrijstalen garantie voor catastrofale gebeurtenissen. Ik vraag me in alle eerlijkheid af hoe het ooit moet gaan als ik kinderen zou hebben.
Het stomste is nog altijd dat ik heel boos word op het moment dat ik iets kwijt ben. Ik raak in een soort blinde paniek, ik keer alles ondersteboven en scheld de hele boel bij elkaar. Mijn hele uitgebalanceerde persoonlijkheid gooi ik te grabbel. Een goede vriendin heeft al aardig wat ervaring opgebouwd met het terugvinden van mijn spullen. Laat ik een voorbeeld noemen: men neme een toegangspas, men neme mij. Werp die twee bij elkaar, je voelt hem al aankomen. Kwijt ! Je zal mij met rood hoofd door mijn kamer zien lopen, allerlei verwensingen aan mijn eigen adres in het rond slingerend. Dan is zij daar. Op dat soort momenten zit ze rustig op de bank. Ze neemt de situatie in zich op en denkt er grondig over na. Ze doet een suggestie, ik noem een willekeurige: "Heb je al in je portemonnee gekeken ?" Een verbaasde blik van mijn kant is haar deel. Ik begin als een gek in mijn portemonnee te graaien en vind de pas niet terug. Ze blijft rustig zitten, en pakt dan de portemonnee van me over. Doet hem open, kijkt er even in en pakt dan rustig mijn pasje te voorschijn. Ik kijk, zo mogelijk, nog verbaasder en neem het pasje aan. Zucht, ik word soms zo moe van mezelf.
woensdag 1 oktober 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
1 opmerking:
hallo
Ik hoef niet veel te zeggen.want ik herken mezelf hier helemaal in.Hoe heb je het uiteindelijk opgelost? Zou voor mij ook fijn zijn om niet meer alles te hoeven kwijtraken. harriet
Een reactie posten